Vanaf 1 januari 2026 werkt SPW volgens de nieuwe regels voor pensioen. Daarbij hoort een vernieuwd pensioen, een nieuwe website én een nieuw pensioenreglement. Hieronder zetten we de belangrijkste veranderingen op een rij.
Veel is hetzelfde gebleven: uw werknemer ontvangt pensioen zolang hij of zij leeft en we blijven mee- en tegenvallers samen delen. Maar er zijn ook veranderingen. Hieronder leest u meer over de belangrijkste veranderingen.
1. Het pensioen van uw werknemer beweegt mee met de economie en het resultaat van de beleggingen.
Als u nog niet met pensioen bent, heeft uw werknemer een pensioenpot. Deze beweegt mee met de economie en de resultaten van onze beleggingen. Als uw werknemer al pensioen ontvangt, kan zijn of haar pensioen 1 keer per jaar omhoog- of omlaaggaan. We nemen maatregelen om een verlaging te voorkomen. Bijvoorbeeld door de inzet van onze gezamenlijke buffer.
2. We hebben een gezamenlijke buffer
SPW zet geld opzij in een gezamelijke buffer (ook wel solidariteitsreserve genoemd). Deze buffer is er om het pensioen van uw werknemer zo stabiel mogelijk te houden als het tegenzit.
3. Er is nabestaandenpensioen zolang er geld wordt ingelegd voor uw pensioen
In het vernieuwde pensioen is er alleen pensioen voor partners en kinderen van uw werknemer geregeld zolang er geld wordt ingelegd voor het pensioen van uw werknemer. Is uw werknemer al met pensioen? Dan ontvangt de partner van uw werknemer het door uw werknemer gekozen percentage van zijn of haar ouderdomspensioen als uw werknemer overlijdt. De kinderen van uw werknemer ontvangen dan tot ze 25 jaar zijn een vast percentage van het ouderdomspensioen van uw werknemer. Het partner- en wezenpensioen dat uw werknemer tot 1 januari 2026 bij SPW heeft opgebouwd blijft bestaan en beweegt ook mee met het resultaat van de beleggingen.
4. Het pensioen van uw werknemer gaat standaard in op de AOW-leeftijd. In onze oude regeling was dat op 68 jaar
In onze oude regeling was dat op 68 jaar. Het verwachte pensioen wordt daardoor iets lager. Dat komt omdat we uitgaan van 3 maanden tot 1 jaar korter betaling van premie en resultaat van beleggingen. Ook met de nieuwe regels kan uw werknemer er nog steeds zelf voor kiezen om uw pensioen eerder of later te laten beginnen. Dit kan tussen 10 jaar vóór AOW-leeftijd en 5 jaar ná AOW-leeftijd.
5. Ontvangt uw werknemer een WIA-uitkering, dan betalen we meer premie voor zijn of haar pensioen
Met een WIA-uitkering bouwde uw werknemer met de oude regels niet volledig pensioen op voor het deel dat uw werknemer arbeidsongeschikt was. Dat deed uw werknemer over 70% van het pensioengevend inkomen voordat uw werknemer ziek werd. In het vernieuwde pensioen gaan wij uit van 100% van het pensioengevend inkomen voordat uw werknemer ziek werd. Dit betekent dat er meer premie naar het pensioen van uw werknemer gaat tijdens arbeidsongeschiktheid dan volgens de oude regels. Dit geld komt in de pensioenpot van uw werknemer.
Ontvangt uw werknemer een WAO-uitkering? Dan bouwde uw werknemer al pensioen op over 100% van het pensioengevend inkomen voordat uw werknemer ziek werd. Dit blijft zo.
We hebben de informatie over het vernieuwde pensioen van voor de overgang voor u bewaard. Lees meer over het vernieuwde pensioen. Wilt u in detail weten hoe het zit?